Sluitingstocht 2010

EIND GOED, AL GOED

ADP Durgerdam, 27 september.
De Grote Pers schitterde weer eens door afwezigheid toen zaterdag jl. ZV Het Y haar slotfeest vierde, een van de top evenementen in Waterland. Om het jubileumjaar extra luister bij te zetten, was Het Y uitgezeild naar haar overzeese gebiedsdeel, het voormalig eiland Marken, waar de vereniging een deel van de haven beheert. Liefst vier seizoenen had de dag in de aanbieding en vanwege de stevige wind hadden de schippers wel even werk voor hun schuitjes genoeglijk naast elkaar lagen te dobberen.

In café de Visscher – elken dag een glaasje – verzamelde de goegemeente zich en werden allen getrakteerd op consumptie met een enorme appelpunt, die als wig diende voor alles wat nog komen zou. Gezelligheidsgoeroe Gerrit van Empel – waarom heeft die man nog geen eigen Tv-programma? – legde de regels uit van een heuse puzzeltocht, een alleraardigst initiatief waarbij men wandelenderwijs veel over het eiland te weten kwam. Helaas ging het, eenmaal terug in de Visscher, bij de uitslag weer mis. Eén van de deelnemers eiste op hoge toon bonuspunten omdat hij niet alleen het jaar van de sluiting van de Afsluitdijk had geweten (1928), maar ook de datum (32 mei). Bij de vraag over de Breihoek bleef de querulant, die pochte ooit op het eiland gewoond te hebben, drammen dat dit slechts het uiterste hoekje was van wat de Markers doorgaans aanduiden als de Westzaai (markers voor Westzijde). Toen er geloot moest worden, beschuldigde de spelbederver, voor wie het beter is, dat wij zijn naam hier maar onvermeld laten, notaris Bouhuijs ervan dat deze helemaal geen notaris was, maar een stomme Spiering die hier helemaal niet thuis hoorde. De zaal hield de adem in. Gelukkig behield dhr P. Bouhuijs zijn waardigheid en zei, zonder de ruziezoeker een blik waardig te gunnen, dat men het hem toch moeilijk euvel kon duiden als hij niet altijd zijn LOI-diploma op zak had. De zaal applaudisseerde opgelucht toen men de woorden meteen als die van een echte notaris herkende. De luidruchteling verliet daarop mokkend het locaal dreigend dat hij er nog wel een commissie op zou zetten. Laat de lezer gerust zijn, het was de enige smet op een verder sprankelend feest.
In de Hof van Marken lag boven de gloeiende kooltjes inmiddels een keur aan dierlijke eiwitten te sissen. Het ene mootje was nog lekkerder dan het andere lapje. Maar er werd niet alléén geconsumeerd. Naar aanleiding van de werkelijk tongstrelende tonijn raakte uw dienaar in gesprek met dhr H. de Jong, specialist in bedreigde vissoorten. Eens te meer werd het uw verslaggever duidelijk wat voor een bijzondere mensen de vereniging herbergt. Al zo’n dertig jaar geleden onderkende De Jong de dreigende afname van de visstand en samen met wat vrinden uit het Marker bedrijfsleven zette hij een project op om nog te redden wat er te redden viel.
- Niet kletsen, maar zelf de handen uit de mouwen, aldus de Jong die het op zich had genomen om eigenhandig palingen te gaan ringen.
De Jong schudt treurig het hoofd nu hij eraan terug denkt.
Misschien waren we te vroeg en was de tijd er niet rijp voor. We hebben anders niet dan onbegrip en tegenwerking gehad. Waren we weer een keer paling aan het uitzetten.- dat moest op rare tijden, want overdag had je je werk, natuurlijk - lag opeens de RP naast je. Je kon dan praten als Brugman, maar het eind van het liedje was, dat ze je dwongen de paling weer naar huis te nemen, waar die vervolgens jammerlijk eindigde in de voedselketen. De Jong snuit zijn neus en veegt een traan weg, nu hij er aan terug denkt.

Gelukkig was er bovenal veel vreugde. Iedereen glom, iedereen glansde, iedereen sjanste.
- Ik heb ze allemaal, glunderde Waterland’s bekendste societyfotograaf Nolly vBW en hield als bewijs triomfantelijk haar Leica op. Er was een levende band met muziek van ver over zee en er werd stevig gedanst. Zo stevig dat voor twaalven de hoteleigenaar naar beneden kwam en handenwringend meedeelde dat het eiland inmiddels enige decimeters was gezakt, met als gevolg dat de eerste golven over de dijk sloegen.
- Daar hebben wij dan mooi geen last van, riep een montere Henk Keuch, wij slapen op een boot. Maar ook hij moest toegeven dat je moeilijk van de eilandbewoners kon vragen dat ze de zondag moesten beginnen met hun eiland leeg te hozen. Er is tenslotte ook nog zoiets als zondagsrust.

Uw correspondent was inmiddels per luxe wagen weer op weg naar de redactie. Op de Markerdijk ontwaarde hij in het schijnsel van de koplampen een eenzame figuur die nijdig voortbeende. Juist door die verbeten bewegingen was het niet moeilijk de druktemaker te herkennen die eerder bij de uitslag van de puzzeltocht zo’n misbaar had gemaakt. Uw correspondent heeft gemeend in de geest van de vereniging te handelen, door met zijn rechtervoorwiel juist ter hoogte van de wandelaar precies door een regenplas te sturen, tengevolge waarvan de hele watervoorraad zich verhief om na enige momenten van gewichtloosheid zich vol op de ellendeling neer te storten. Met de groeten van Good Year. In de automobiel was het inmiddels lekker warm en die warmte leek nog behaaglijker toen schrijver dezes besefte dat het voor de tot op het hemd doorweekte wandelaar verder alleen nog tegenwind zou zijn. Zo komt boontje om zijn loontje. Een mooi slot aan een schitterend feest.

(overgenomen uit het IJdoorns Dagblad van maandag 27 september)
Cor Jongejans – Algemeen Durgerdams Persbureau

Slotfeest, foto's Chris Broere

 

Slotfeest, foto's Iet Vallenduuk