Beagle

Met de Beagle over The Atlantic
 

De Beagle vertrok op 5 juni 2003 voor een vijfjarige reis naar de Caribiën. Bij vertrek uit IJmuiden waaide het 5 - 6 Bf uit het zuidwesten zodat besloten werd om binnendoor via Zeeland te gaan. De bedoeling was om tot La Rochelle langs de kust van Frankrijk te varen en daarna over te steken naar Gijon in noord Spanje. Je hebt dan een korter weerbericht nodig dan wanneer je vanaf Falmouth de Golf van Biskaje oversteekt naar La Coruna. Verder hoppend langs de kust van Spanje en Portugal. Bovendien zijn het langs de kust allemaal dagtrajecten. Zo arriveerden we eind augustus in Villa Real de Santo Antonio aan de Guadiana rivier, de grensrivier tussen Spanje en Portugal.

Na een maand vertrokken wij richting Madeira, eigenlijk te laat met als gevolg een zuidwesterstorm. Wij hebben er dan geen moeite mee om om te draaien en zo gingen we voor de wind terug naar Lagos, Portugal, wachtend op een "wind window" die niet kwam. Zo verbleef de Beagle de winter aan de Algarve en daar hebben wij geen spijt van gehad.

In juni 2004 ging het beter. Madeira, de Canarische Eilanden en dan in de herfst op Gomera wachten tot het tijd is om naar de Kaap Verden Eilanden te vertrekken. Voor 1 december moet je niet over de Atlantic willen gaan omdat dan de kans nog te groot is op zware depressies met veel wind. Zo vertrokken wij, samen met nog twee andere jachten, op 4 december vanaf het eiland Sao Nicolao, een van de Kaap Verden eilanden, richting Suriname. "Butterfly" zoals dat heet, twee voorzeilen uitgeboomd. Het grootzeil is op de oversteek niet omhoog geweest. Belangrijk is dat je met de voorzeilen op de boom kunt spelen en gemakkelijk kunt aanpassen als er een squal overkomt, dat zijn kleine lokale buien met veel wind en regen.

Van Suriname hebben wij geen spijt gehad. Op 21 december 2004, na 19 vaardagen en 2000 logmijlen lieten wij het anker vallen in Paramaribo. Het is een prachtig land. We lagen aan een boei bij de MAS, Maritieme Autoriteit Suriname, en van daar konden wij lopend de stad in en schip en bijboot lagen veilig. Een stad met Nederlandse straatnamen en prachtige grote koloniale huizen, maar ook armoede. Wij zijn drie maanden in Suriname gebleven en verscheidene malen de Suriname Rivier omhoog gevaren tot ver voorbij Paranam, waar de overslag van bauxiet plaatsvindt en tot waar de grote erts(bulk)schepen varen. Wij voeren dan nog enkele uren verder tot aan een oude Joodse nederzetting "Joden Savanna", waarvan alleen de ruïnes nog zijn overgebleven. In het eromheen liggende oerwoud hebben ze oude graven gevonden en op enkele grafstenen kom je Nederlandse namen tegen.

Na drie maanden lichten wij het anker en gaan samen met nog een Nederlands stel naar Tobago, drie dagen en nachten varen. Een goede en snelle overtocht. Tobago behoort samen met Trinidad tot een staat. Tobago is een heel mooi eiland met lieve mensen. Vandaar na twee weken naar Bequia en omdat het dan al eind april, begin mei, is zakken we langzaam af naar het zuiden richting Grenada, langs de prachtige Tobago Cays met zijn glasheldere water waar je op tien meter diepte de zeesterren ziet liggen en waar je tussen de schildpadden in hun natuurlijke omgeving kunt zwemmen. In St. George op Grenada zien we nog de vele verwoestingen die orkaan "Ivan" daar het vorige seizoen heeft aangericht terwijl het nieuwe hurricaneseizoen al voor de deur staat. De hurricaneperiode is officieel van 1 juni tot 1 december, je merkt dat het weer begin juni verandert. Dan vertrekken wij naar Trinidad waar ik een paar maanden eerder een plek bij een van de werven heb gereserveerd om op de kant te kunnen staan als wij van half juli tot half oktober naar Nederland gaan. Voor de verzekering moet je schip van 1 juli tot 1 november zuidelijker dan 13 graden Nb zijn, anders ben je onverzekerd.

Na terugkomst is het op de werven dan een drukte van jewelste want dan moeten de schepen weer klaargemaakt worden voor het nieuwe seizoen. Gelukkig hoef je niet alles zelf te doen. Er lopen genoeg jongens rond die wat willen verdienen en die zijn niet duur. Als je zelf wilt werken dan gaat dat alleen 's morgen van zes tot tien uur, daarna wordt het voor ons Europeanen te warm ook doordat de vochtigheid zo hoog is. 's Middags na half vier kan je weer wat doen, maar om half zes is het donker. Wij huurden op de kant een airco die we op het dek lieten plaatsen. Als je weer in het water ligt, dan is het nog wat rondhangen op de zeer slechte ankerplaats en wacht je op een goed weerbericht met zuidoosten wind om richting Grenada te kunnen.

Relaxt vaar je dan van eiland naar eiland en wij bleven overal doorgaans een tot twee weken. Het leuke is dat de ‘locals’ je dan gaan herkennen, maar verder moet je het plezier met je medezeilers maken.
Dan komt ook een keer het moment dat je gaat nadenken wanneer je de terugreis naar Nederland wilt maken. Over het algemeen vertrekken de meeste jachten tussen half mei en half juni vanaf St. Maarten via de Azoren naar Engeland. Wil had al eerder besloten dat zij de terugreis niet varend zou willen doen. Gelukkig dienden zoon en schoondochter zich aan. Daar was ik heel blij mee, hij is een perfecte zeiler en zeeman. Het blijkt dat het heel prettig is om voor de terugreis een jong iemand aan boord te hebben, meer kracht, want de terugreis is minder gemakkelijk dan de heenreis en je moet elkaar redelijk kennen. Tussen St. Maarten en de Azoren, 2100 Mijl, moet je rekenen dat als je de directe route neemt, je een derde van de afstand moet motoren, dat is even rekenen hoeveel diesel je dan aan boord moet hebben. Wij kwamen van de 280 liter met nog ongeveer zeven liter diesel in de tank in Horta aan en dat was omdat we de laatste ochtend nog vier uur hebben kunnen zeilen.

Na tien dagen vertrekken we dan naar Engeland, 900 Mijl, samen met nog een Nederlands stel en hij kreeg iedere dag een weerbericht van een routeerder. Je weet dan wat voor weer er om je heen zit, maar je kunt nauwelijks uitwijken omdat je te langzaam gaat. Het heeft best gewaaid en ook wij kregen er een staartje van mee. Hoewel de storm al voorbij was, kregen we midden in de nacht toch een breker over dek: kuip blank tot boven de banken en de buiskap en spatzeilen kapot. We voeren op dat moment met drie riffen en de kotterfok van 10 meter ruim aan de wind.

In de Caribiën zijn grote en goed gesorteerde scheepswinkels, waar alles te koop is voor je boot en uitrusting en op die plaatsen kun je doorgaans ook uit het water. Zeker op Trinidad, maar ook op St. Maarten is goed vakmanschap verkrijgbaar. Onze blauwe campinggasflessen hebben we overal kunnen vullen of omruilen voor doorgaans niet meer dan € 5,00, alleen op Martinique daar betaalde je € 20,00, maar voor dat geld had je dan ook weer een nieuwe fles.
De eilanden zijn zelfstandige staatjes en je moet dus in- en uitklaren, dat gaat over het algemeen zeer correct, soms strikt, maar als je jezelf correct opstelt en de ander respecteert dan heb je nergens problemen.

Veiligheid? Dan zeg ik altijd: "hoe veilig is het in Amsterdam?". Wij hebben gelukkig nooit ongemakken gehad, wel van nabij over gehoord. Vooral Amerikanen schijnen een aanzuigende kracht te hebben, maar vaak zie je hetzelfde voorval in vele varianten op het internet staan, of zoals bij vrienden van ons; ze lagen in een baai geankerd en 's avonds in donker valt de kat overboord, met lampen over dek zoeken en het beest bijschijnen en met de bijboot het beestje opgepikt. 's Morgens over het radionet wordt er verteld dat er een overval heeft plaatsgevonden door vier man en dat er gewonden zijn. De schipper onderbreekt de verteller en meldt dat het slechts om de kat ging. Maar het verhaal stond inmiddels wel op het internet als overval.

Iedereen die meer wil weten over zo'n reis of over onze reis is welkom voor informatie.

Martin en Wil Kerkmeer

februari 2010

 

Zeilwedstrijden op GrenadaCarnaval op Cariacou
Korjalen op de SurinamerivierWater halen op het eiland Sal,
Kaap Verden
Passaat zeilend over de AtlantciParamaribo notarishuiskantoor
Paramaribo  geheel houten kathedraal 
Schade na overgekomen breker
Schade na overgekomen breker

Water en diesel tanken voor anker liggend op Bequia